Pages Menu
TwitterFacebook
Categories Menu

Posted on 05/09/2016 in Experts | 0 comments

Zorgverlener, til eHealth naar een hoger niveau

De eerste aanrakingen met internet brachten een visie teweeg over de immense mogelijkheden in communicatie en informatievoorziening. Vijftien jaar later is het merendeel daarvan uitgekomen. Bovendien is een klimaat gecreëerd ideaal voor technologische innovatie, welke inmiddels diep geworteld is in menig commercieel bedrijf.

Sinds zes jaar werk ik als arts assistent voor verschillende GGZ-instellingen. De ontwikkelingen aanschouwend, heb ik daarbij hetzelfde gevoel als in de beginjaren van het internet. Een groeiend aantal bedrijven heeft gezondheidszorg in het beleidsplan opgenomen en zet in op het cultiveren van nieuwe technologieën waaronder eHealth. Echter, in de verpakkings- en transportfase naar ziekenhuizen en GGZ-instellingen lijken vele van deze producten te stranden.

Op de beoogde bestemmingsplaats kom ik frequent zorgverleners en patiënten tegen met innovatieve ideeën. Deze hebben bijvoorbeeld betrekking op het EPD, telemonitoring, zelfmeting en apps. Het merendeel laat het bij deze fase, niet wetende wie zij dienen te benaderen om hun idee verder uit te werken. Het merendeel van de GGZ-instellingen heeft namelijk geen persoon verantwoordelijk voor innovatie op de werkvloer, terwijl dit van levensbelang is in bedrijven die competitief zijn ingesteld. Het is alsof onderzoek en gespreksvaardigheden in het DNA van de zorgverlener volop actief zijn en floreren, maar de genen van innovatie onder invloed van de (zorg-) omgeving uitgeschakeld worden.

Tegenover de vooruitstrevende ideeën bespeur ik bij andere collega’s een scepsis ten aanzien van eHealth; iets wat opgedrongen wordt en wat nog weinig raakvlak heeft met ‘evidence based’. Termen als disruptief en exponentieel wekken argwaan en ongeloof. Daarnaast wordt eHealth regelmatig in een adem genoemd met bezuinigingen en minder tijd voor de patient. Wellicht komt het doordat eHealth een containerbegrip lijkt, hetgeen voor verwarring en misscommunicatie zorgt.

Als we kijken naar de definitie die de overheid hanteert is eHealth: ‘Het gebruik van nieuwe informatie- en communicatietechnologieën, en met name internettechnologie, om gezondheid en gezondheidszorg te ondersteunen of te verbeteren’. De websites van GGZ-instellingen lezende, wordt eHealth al snel vertaald in online therapie voor diegene die de drempel naar een polikliniek te hoog vinden of die zelf het tijdstip willen bepalen van het starten en pauzeren. Echter, juist in deze vertaalslag blijkt het gebrek aan een overstijgende visie, want eHealth biedt zoveel meer. Er ligt een schone taak van de GGZ om haar zorgverleners en patiënten een ondersteunende structuur te bieden en zo inzicht te laten krijgen in de mogelijkheden en het belang van de juiste innovaties, waaronder die van eHealth. Een nieuwe eHealth visie voor de GGZ wordt voorgesteld:

1. eHealth biedt de mogelijkheid om EPD’s te koppelen
De achilleshiel van de Nederlandse gezondheidzorg is de connectiviteit tussen data. Door gebrek aan samenwerking hebben Nederlandse zorginstellingen miljarden euro’s besteed aan tal van niet communicerende systemen waar patiënteninformatie opgeslagen ligt. Het uitwisselen van patiënteninformatie tussen instellingen kan weken op zich laten wachten en vindt zijn weg grotendeels door middel van de fax. Medicatie overzichten zijn regelmatig niet compleet en hoewel de tendens is dat de patiënt eigenaar is van zijn of haar dossier, en daarmee recht heeft om thuis inzage te krijgen, is met name in de psychiatrie dit een heikel punt. Waar onze overheid getracht heeft om draagvlak te creëren voor een nationaal EPD, laat zij dit initiatief nu over aan de markt. Er ligt een schone taak voor de overkoepelende organisaties van de GGZ, ziekenhuizen en eerste lijn om eensgezind te worden en samen een systeem te vormen. De mogelijkheden liggen al klaar op de internationale markt, waarbij verschillende partijen communicatietechnologieën hebben ontwikkeld om EPD’s te koppelen.

2. eHealth biedt de mogelijkheid voor optimale zorg in huis
Producten worden steeds meer online besteld in plaats van in de winkelstraat gekocht. Loodgieters en elektriciens worden op basis van recensies uitgekozen, en bedrijven gaan failliet omdat de klant een andere ‘manier’ heeft gevonden. Wie is de gezondheidszorg om te denken dat dit geen betrekking op haar gaat hebben? Patiënten blijven al langer thuis wonen, mede omdat het aantal opnamebedden dalende is in de GGZ. Allerlei trends zijn zichtbaar die wijzen dat zorg steeds meer in huis wordt gegeven, waar de patiënt bepaalt wanneer hij of zij de gewenste zorgverlener ziet. Het experiment van Argos Zorggroep met Google Glass springt hierop in en kan naadloos worden overgenomen door de GGZ. Heden worden huisbezoeken door de GGZ met name gedaan door de (sociaal psychiatrisch) verpleegkundige en vindt aan de hand van diens bevindingen overleg plaats met de psychiater. Google Glass zou het mogelijk kunnen maken voor de psychiater en andere teamleden om direct mee te kijken en zo nodig te interacteren.

3. eHealth biedt de mogelijkheid om de opleiding te verbeteren
De opleiding tot zorgverlener in de psychiatrie biedt nauwelijks onderwerpen die gerelateerd zijn aan eHealth of andere vormen van technologische innovatie. Het innovatie vermogen van de zorgverlener in spe komt zo steeds meer in de schaduw te staan en dooft uit op de werkvloer aangezien daar ook nauwelijks kennis wordt aangeboden rondom dit thema. Onderwijs samen met andere disciplines zoals programmeurs en technici, zou de afgeschermde gezondheidszorg kunnen doorbreken. Zo kunnen jonge zorgverleners al in een vroeg stadium inzicht krijgen in de mogelijkheden van technologische innovatie en samen eHealth projecten opstarten. Zo kan een innovatiecultuur worden gecreëerd die gelijkwaardig is aan het doen van wetenschappelijk onderzoek. Dit kan ook dan doorgetrokken worden naar de al werkende zorgverlener die meer in contact zou moeten worden gesteld met technologische universiteiten en gerelateerde bedrijven. Er zijn al enige voorbeelden van Nederlandse ziekenhuizen die een hub trachten te vormen met science parks om zo samen de brug te maken tussen ontwikkeling en implementatie van technologische innovatie.

Verbinding
Het Nederlands zorgstelsel wordt internationaal gerespecteerd, zoals ons voetbal dat ook in het verleden deed. Het is nu aan ons medisch leiderschap om te investeren in het dichten van de kloof met technologische innovatie. Met verbinding tussen ontwikkelaars, zorginstellingen en patiënten kunnen wij toetreden tot een nieuw tijdperk waar technologische innovatie vervlochten is met de huidige pilaren van de Nederlandse zorg. Internationaal is deze ontwikkeling in volle gang, en om het Nederlands zorgstelsel – in tegenstelling tot het voetbal – aan de top te hóuden, is het nu zaak hierbij aan te haken.

De eerste initiatieven daartoe worden ontplooid zoals die van verschillende jonge zorgverleners die de samenwerking opzoeken buiten het traditionele denken. Werkgroep Zorg 2025 biedt hier aandacht aan in haar komend visiedocument, dat op 18 januari 2017 tijdens het evenement ‘Bridge the (g)@pp’ in Utrecht zal worden gelanceerd. De eHealth commissie van De Jonge Specialist schrijft in haar blog djsehealth.nl over de laatste trends en gaat samenwerking aan met ontwikkelaars. De eerste aanrakingen over de kloof zijn een feit; het is tijd om stevige bruggen te bouwen.

Drs. Alexej Kuiper heeft een business administration opleiding cum laude afgerond aan de Erasmus Universiteit en is in opleiding tot psychiater bij Arkin. Hij heeft daarnaast gewerkt bij GGZ InGeest, GGZ Rivierduinen en GGZ Noord Holland Noord. Als bestuurslid van De Jonge Specialist is hij voorzitter van platform Toekomst en Innovatie, afgevaardigde in Werkgroep Zorg 2025 en lid van de Onderhoudsgroep Generieke module eHealth namens de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie.

Dit artikel verscheen eerder in Digitalezorg.nl Magazine

Read More

Posted on 30/08/2016 in Uitgelicht | 0 comments

‘De digitale revolutie is aangebroken in de GGZ’

We boeken onze vakantie online, een taxi reserveren we met een app en geld overmaken gaat eenvoudig met internetbankieren. Digitale dienstverlening is overal om ons heen en we maken er volop gebruik van. Dat willen we ook in de zorg en zeker ook in de geestelijke gezondheidszorg. eHealth raakt steeds meer in zwang. niet als doel op zichzelf, maar zeker wel als eigentijds onder- deel van goede en steeds betere zorg. op maat en letterlijk onder de knop van de patiënt.

eHealth in de GGZ bestrijkt een breed terrein. Het gaat om alle ICT en internettechnologie voor behandeling of begeleiding van mensen met een psychische aandoening. Zoals online behandelprogramma’s (meestal in combinatie met face-to-face behandeling), beeldbellen, mobiele apps, cliëntenplatforms (ook wel cliëntenportaal genoemd), het persoonlijk gezondheidsdossier, serieus games en virtual reality. Er is inmiddels een groot aanbod aan middelen die we kunnen inzetten om de zorg te verbeteren. Want dat is waar eHealth een rol in speelt. De GGZ moet meer doen met minder middelen, terwijl de verwachtingen ten aanzien van kwaliteit en service toenemen. Patiënten en cliënten nemen en krijgen meer de regie en worden daarbij digitaal ondersteund. De rol van de spreekkamer verandert van een hoofd- naar een bijrol in het herstel van de cliënt. Zorg en welzijn raken in toenemende mate verweven, en de samenwerking in netwerken, over de grenzen van de eigen organisatie heen, wordt de standaard. GGZ-aanbieders en zorgprofessionals veranderen mee en moeten zich tot deze nieuwe realiteit verhouden.

Kansen voor eHealth
In Europa wordt de Nederlandse GGZ gezien als één van de koplopers op het gebied van digitale toepassingen bij behandelingen. Ook in vergelijking met andere zorgsectoren in Nederland blijkt dat de geestelijke gezond- heidszorg het bovengemiddeld goed doet wat betreft het gebruik van eHealth. Er zijn inmiddels ook al talloze voorbeelden van effectieve digitale toepassingen bij behandelingen. En die toepassingen zijn heel divers. Wanneer mensen zoeken naar oplossingen voor een probleem, is een anoniem platform vaak de eerste, laagdrempelige, stap die gezet wordt. Alcoholdebaas.nl is daar een voorbeeld van. Deze website van verslavingszorginstelling Tactus richt zich op mensen die zich afvragen of ze misschien een alcoholprobleem hebben. De site biedt zelfhulp én behandeling. En bovendien contact met lotgenoten. Uit onderzoek onder gebruikers van Alcoholdebaas.nl is gebleken dat de internetbehandeling effectief is en zorgt dat de wekelijkse alcoholconsumptie van deelnemers vermindert en hun gezondheid verbetert.

Een andere toepassing van eHealth zijn de serious games. Zo hebben GGZ-organisaties Mondriaan en GGzE samen met het Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie en hogescholen Games[4Therapy] ontwikkeld. Deze therapie- vorm combineert de reguliere face-to-face behandel- momenten met (digitale) spelprincipes en nieuwe technologieën. Digitale spellen en spelelementen verhogen de motivatie van jongeren om hun behandeling te volgen en zo te werken aan oplossingen voor hun problematiek.

Denk basis-GGZ, onderdeel van GGZ Friesland, heeft samen met cliënten en de NHL Hogeschool een methode ontwikkeld om levensechte situaties te simuleren. Een virtual reality bril wordt ingezet als onderdeel van een therapie om angst tegen te gaan. Iemand met pleinvrees kan met deze bril op virtueel een druk plein betreden, een super- markt binnengaan of een busrit maken. Simulaties die levensecht aanvoelen en angstaanvallen kunnen opwekken. Maar doordat de angst ook weer wegebt ervaart degene met de bril op, dat er niks ernstigs gebeurt. Zo leert hij of zij dat bepaalde situaties niet vermeden hoeven te worden.

Dit zijn allemaal voorbeelden van toepassingen die aansluiten bij het leven dat we leiden in deze tijd, en een waardevolle aanvulling op of vernieuwing zijn van bestaande methodes van behandeling. Niet alleen patiënten en cliënten zijn blij met de mogelijkheden die eHealth biedt – een kleine 70% staat positief tegenover eHealth – ook behandelaren zijn enthousiast. Ruim een derde van de psychiaters blijkt graag ‘blended’ behandelingen aan te (willen) bieden. Behandelingen die een combinatie vormen van online en ‘face-to-face’ contacten. Twee op de drie GGZ-organisaties bieden dan ook e-mental health toepassingen aan.

Samen ontwikkelen
Succesvolle eHealth komt niet vanzelf. GGZ Nederland heeft, samen met alle stakeholders, intensief samenge- werkt om de kansen en belemmeringen voor de implementatie van eHealth in kaart te brengen. Dat helpt om de uitdagingen en belemmeringen ook samen aan te gaan. Dat geldt voor de ontwikkeling van eHealth, maar zeker ook voor de implementatie ervan. GGZ Nederland organiseerde over beide aspecten enige tijd geleden masterclasses. Deelnemers waren GGZ-aanbieders, zorgverzekeraars, patiënten- en cliëntenorganisaties, beroepsgroepen uit de GGZ en het ministerie van VWS. Belemmeringen die gesignaleerd werden waren bijvoorbeeld: te weinig gebruikers van eHealth-toepassingen, onbekendheid bij behandelaren, (nog) beperkte wetenschappelijke evidentie, ontoereikend financieringsmodel, ontoereikende ICT en technologie, te veel naar ‘binnen’ gerichte ontwikkeling en gebrek aan samenwerking. Maar waar belemmeringen zijn, zijn er gelukkig ook adviezen of oplossingsrichtingen.

De masterclasses en ervaringen uit de praktijk leverden verschillende tips op voor de eerste stappen in een goed plan van aanpak om eHealth te implementeren. Zoals:

  • koppel eHealth-doelen aan organisatiedoelen en start met een helder omschreven en bereikbaar doel. Zorg dat die doelen goed geborgd zijn. Belangrijk in dat verband is dat bestuurders, directies en management voldoende aangehaakt zijn en dat eHealth onderdeel is van de jaarplannen;
  • Maak de doelen van eHealth concreet door continu vragen te stellen: Wat versta je onder ‘betere kwaliteit’, ‘eigen regie’, ‘betere service’. Wat verandert er dan voor medewerkers, behandelaren, cliënten? De inzet van eHealth brengt namelijk een grote verandering met zich mee voor het primaire behandelproces en doet een fors appel op behandelaren en begeleiders in de GGZ. Managers en projectleiders ervaren in de praktijk nog weleens weerstand bij behandelaren om eHealth te gebruiken. Weerstand ontstaat meestal uit angst of onbekendheid. De vraag die dan ook centraal staat: hoe kunnen behandelaren dusdanig gefaciliteerd worden dat het gebruik van eHealth sneller wordt geadopteerd? Ruimte voor innovatie is daarvoor een voorwaarde;
  • Betrek stakeholders bij het formuleren van een visie. Cliënten willen de regie, maar krijgen nog onvoldoende kans om deze te pakken. Succesvol innoveren kan dus alleen in co-creatie met verschillende stakeholders en buiten de bestaande structuren. eHealth is hierbij de motor voor vernieuwing en voor nieuwe vormen van samenwerking tussen GGZ-organisaties met hun stakeholder;
  • Bepaal ook wat je niet meer gaat doen (substitutie). Immers, als eHealth er enkel bij komt (additie) zal het niet leiden tot meer doelmatigheid en efficiency. Maak hierin heldere keuzes;
  • Kwantificeer de eHealth doelen en spreek targets af met behandelaren en managers. Hoeveel meer kwaliteit levert de inzet van eHealth et cetera. Het vervolg is dat de gestelde doelen en targets gemonitord moeten worden. Dit biedt directie en management de benodigde informatie om te sturen op resultaten. Bijvoorbeeld: het aantal inlogmomenten per behandelaar, het aantal bezoekers per behandelprogramma, het aantal eHealth accounts per eenheid/afdeling, of het aantal afgenomen face-to-face minuten;
  • Een belangrijke tip is om de ‘buitenwereld’ te betrekken. eHealth kan bijdragen aan het beter organiseren van zorg over de eigen organisatie heen. Het helpt wanneer GGZ-aanbieders dit in hun visie en doelen meenemen en daar ook externe stakeholders bij betrekken.

Samen de vruchten plukken
Financiering is een knelpunt. Ontwikkelkosten van eHealth- toepassingen zijn investeringen die je niet gegarandeerd terugziet. Ook zorgverzekeraars zijn zoekende in de manier waarop zij eHealth kunnen stimuleren. De één kiest voor een opslag op het DBC-tarief als eHealth bij een x-percentage cliënten wordt toegepast, de ander kiest voor een korting op het tarief als niet bij een x-percentage van de cliënten eHealth wordt toegepast. Toch is het de vraag of dit de beste uitkomst is. Een oplossing kan gezocht worden in de vorm van shared savings. Om de inzet van eHealth lonend te maken en het gebruik te stimuleren, moeten de kosten en de baten eerlijker worden verdeeld. GGZ-aanbieders kunnen hierover met zorgverzekeraars in gesprek gaan. Een gedegen business case helpt bij zo’n gesprek. GGZ Nederland ontwikkelde daarvoor een kosten- batenanalyse.

Winst is er ook binnen GGZ-organisaties, omdat de inzet van eHealth kan bijdragen aan e ciëntere inzet van middelen en menskracht. Een patiënt die aan de hand van een eHealth-module vragen voor zijn behandelaar heeft,is al bezig met zijn behandeling voordat er daadwerkelijk contact plaatsvindt. En ook buiten afspraken om werkt zo’n patiënt aan zijn of haar herstel. Daarmee kan eHealth van grote waarde zijn voor cliënten en patiënten, en voor hun familie of naasten. Veel eHealth toepassingen hebben mogelijkheden om de omgeving van de cliënt te betrekken bij een behandeling. Of ze in elk geval inzicht te geven in de problematiek waar iemand mee te maken heeft. Welke vlucht het gebruik van eHealth zal nemen is aan alle betrokkenen gezamenlijk. Maar zeker is dat het een ontwikkeling is die blijft.

Meer weten? Lees de Handreiking eHealth in de praktijk. Tips en handvatten voor implementatie van eHealth in de GGZ.

Jacobine Geel is voorzitter van GGZ Nederland, branche- organisatie voor instellingen in de geestelijke gezondheidszorg en verslavingszorg

Dit artikel verscheen eerder in Digitalezorg.nl Magazine

 

 

 

 

 

Read More