Pages Menu
Categories Menu

Posted on 04/09/2012 in eHealth | 0 comments

Diagnostiek op aanvraag vermindert tweedelijns GGZ verwijzingen

Diagnostiek op aanvraag zorgt voor een afname van het aantal doorverwijzingen door de huisarts naar de tweedelijns GGZ. Dat blijkt uit een recent experiment in Limburg, waaraan meer dan honderd huisartsen en POH-GGZ meedoen. Bij iets minder dan 50 procent van de patiënten met een GGZ- indicatie wordt tweedelijns zorg geadviseerd (waaronder aanvullende diagnostiek), terwijl landelijk 74 procent naar de tweedelijn wordt doorverwezen.

Van de mensen die jaarlijks worden doorverwezen naar de specialistische GGZ, wordt een aanzienlijk groter deel naar de tweedelijn, dan naar de eerstelijn verwezen. Het is bekend dat bij een deel van de mensen in de tweedelijn sprake is van lichte problematiek, die ook in de eerstelijn behandeld had kunnen worden.

In het advies over de Basis GGZ pleit de NZa voor diagnostiek op aanvraag. Hierbij gaat het om diagnostiek, waarbij de patiënt contact heeft met de psycholoog of psychiater (of e-health-variant daarop). Belangrijke randvoorwaarde is dat de patiënt na consultatie met een oordeel (rapportage en eventueel advies) terug gaat naar de poortwachter. Deze kan vervolgens op basis van de extra ingewonnen informatie een diagnose stellen en zo tot een juiste verwijzing komen.

Vooruitlopend op de Basis GGZ kunnen huisartsen en POH-GGZ in Limburg sinds 2011 triagediagnostiek aanvragen, zonder de patiënt te moeten verwijzen. De huisarts of POH-GGZ ontvangt een rapport met daarin een waarschijnlijkheidsdiagnose en echelonadvies. Bij 81 procent van de diagnostiekaanvragen wordt een GGZ-traject geadviseerd in de eerste- of tweedelijn, waarbij tot de eerstelijn tevens de POH-GGZ wordt gerekend. Bij ruim 50 procent van de GGZ-trajecten wordt eerstelijn geadviseerd, tegenover slechts 26 procent eerstelijns verwijzingen landelijk. Patiënten betalen voor de triagediagnostiek geen eigen bijdrage of eigen risico. Hierdoor ontstaat een gezonde prikkel om een GGZ-traject te voorkomen, als daar op basis van de diagnose geen directe noodzaak voor is.

Het experiment in Limburg wordt uitgevoerd door TelePsy, die bij de triagediagnostiek gebruik maakt van psychologische vragenlijsten die via het internet worden afgenomen. Bij de screening wordt vooral de patiënt aan het werk gezet, in plaats van een psycholoog die alle problemen uitvraagt. Opvallend is dan ook dat deze vorm van triagediagnostiek door patiënten goed wordt gewaardeerd, met een gemiddeld rapportcijfer van 7,4. Ook elders in het land wordt op verschillende manieren geëxperimenteerd met diagnostiek op aanvraag, als middel voor substitutie van duurdere naar goedkopere vormen van zorg.

Bram de wit, huisarts in Heerlen: “De scheiding tussen eerste- en tweedelijns GGZ is niet altijd even duidelijk. Een huisarts moet beoordelen of er sprake is meerdere stoornissen, persoonlijkheidsproblematiek of verborgen problemen waar de patiënt niet zo gemakkelijk over praat. In veel gevallen is het onderscheid onmogelijk te maken in de beperkte tijd die een huisarts daarvoor heeft in zijn praktijk: vaak maximaal twee keer tien minuten. Daarbij heeft de huisarts geen toegang tot specialistische (meet)instrumenten die hem zouden kunnen helpen bij het stellen van de diagnose. Hetzelfde geldt in meer of mindere mate ook voor de POH-GGZ, die bovendien vaak een wachtlijst heeft door de veelheid aan psychische problematiek.”

Dat het aantal eerstelijns behandelcontacten sinds dit jaar terug is gebracht van acht naar vijf, helpt volgens De Wit ook niet mee: “Een onbedoeld gevolg hiervan is dat de huisarts in geval van twijfel liever naar de tweedelijn verwijst. Wordt een patiënt na een eerstelijns behandeling toch naar de tweedelijn verwezen, dan wordt deze geconfronteerd met een dubbele eigen bijdrage voor de GGZ. Je zou dus kunnen zeggen dat de maatregel averechts werkt. Met een specialistisch advies voelen huisartsen zich gesterkt om naar een eerstelijns behandelaar te verwijzen.”

Met de Basis GGZ legt de NZa de regie over de behandeling duidelijk bij de eerstelijn. Die moet bepalen wanneer zij tweedelijns zorg, al dan niet op aanvraag, nodig acht. Als het advies van de NZa wordt opgevolgd zal dit proces gefaseerd plaatsvinden, waarbij de eerste stappen worden gezet in 2013. Diagnostiek op aanvraag zal dan landelijk worden doorgevoerd.

Bron: Telepsy (persbericht)

Reageer